top of page

Een onzekere toekomst

Updated: Jun 12, 2023

Het is vorige week op het laatste nippertje gebeurd. De Eerste Kamer is met een gelegenheidscoalitie akkoord gegaan met de nieuwe pensioenwet. Onderstaand een aantal passages uit het informatieve bericht hierover van de Koepel van Gepensioneerden.

Het pensioenstelsel gaat volledig op de schop en we moeten maar afwachten wat de gevolgen hiervan zullen zijn. Niet alleen in algemene zin maar uiteraard ook wat dit gaat betekenen voor ons pensioenfonds. Dat de gevolgen ingrijpend zijn staat vast. Ook staat vast dat wij als gepensioneerden van het DSM-pensioenfondsformeel buiten spel staan, terwijl de gepensioneerden verreweg de grootste groep deelnemers zijn. Ook nu zijn het werkgever DSM en de vakbonden die aan de touwtjes trekken. En dat gaat niet veranderen.

In een recent bericht van PDN wordt aangekondigd dat het bestuur een “externe” voorzitter van het bestuur gaat krijgen. Het woord “externe” is eigenlijk te komisch voor woorden. Bij alle pensioenfondsen wordt dit een onafhankelijke voorzitter genoemd. Na 18 jaar een “interne” voorzitter krijgt het bestuur het niet door zijn strot om te zeggen wat het is, nl een onafhankelijke voorzitter. Kennelijk is dat met alle discussie over de dubbele rol van de werkgeversvoorzitter te gevoelig voor DSM en het bestuur van het pensioenfonds. Voor wie het bericht niet heeft gelezen wordt ook aangekondigd, dat de overige 16 werkgevers, die samen met 2649 deelnemers nog geen 10 procent van het deelnemersbestand vormen een voordracht voor zetel mogen doen die vacant komt zodra de huidige voorzitter vervangen wordt door een onafhankelijke voorzitter. De argumentatie die gegeven wordt is “dat hiermee uitdrukking wordt gegeven aan de veranderde samenstelling van het fonds”. Zou dezelfde argumentatie niet net zo goed reden kunnen of zelfs moeten zijn om eveneens en tegelijk de pariteit van het bestuur te wijzigen en daarmee recht te doen aan de veranderde samenstelling van de deelnemers van het fonds? Het bestuur heeft de mond vol van evenwichtigheid maar de onevenwichtige samenstelling van het bestuur blijft ongewijzigd.

Wij hebben intussen meer dan 500 leden en zijn op weg naar de zeshonderd. Wij zijn ervan overtuigd dat wij met volle inzet en stug volhouden, linksom of rechtsom, in het huidige of het nieuwe pensioenstelsel de positie van de gepensioneerden en onze pensioenen kunnen verbeteren. Zoals eerder gezegd, wij zitten bepaald niet stil.

Marius en Ton

WTP: De kogel is door de kerk

31 mei 2023

Nu de laatste kruitdampen in het parlement zijn opgetrokken, is een nieuwe Pensioenwet daarmee een feit. Die gaat (na twee keer uitstel vanwege de lange behandeling in Tweede en Eerste Kamer) in op 1 juli aanstaande. Dat betekent overigens niet dat gepensioneerden (en werkenden) dan al meteen iets van de nieuwe wet gaan merken. Pensioenfondsen hebben tot 1 januari 2028 de tijd om pensioenen ‘in te varen’ in de nieuwe pensioenregeling. Daaraan voorafgaand zijn het werkgevers en vakbonden (of, als die er niet zijn, de ondernemingsraad) die alle daarbij behorende keuzes dienen te maken: gaan we wel of niet over, naar welke regeling precies, hoe wordt bij overgang het pensioenvermogen eerlijk verdeeld over alle gepensioneerden en werknemers van het fonds? Namens gepensioneerden zijn het in die fase de bij de Koepel Gepensioneerden aangesloten verenigingen van gepensioneerden die zich daar op grond van de nieuwe wet ‘tegenaan mogen bemoeien’.

Daarom ook heeft de Koepel Gepensioneerden (die in het hele traject is opgetrokken met ANBO, KBO-PCOB en NOOM) zich vooral gericht op verbetering van het wetsvoorstel. Daarbij zijn steeds de eerder met onze lidverenigingen in de Algemene Ledenvergadering vastgestelde speerpunten als uitgangspunt genomen: zicht op een koopkrachtig pensioen, ook in de aanloop naar de nieuwe wet, zeggenschap van gepensioneerden en comfort dat bij het verdelen van het pensioenfonds zeker ook voor gepensioneerden belangrijke punten worden betrokken (als bijvoorbeeld bestaande indexatie-achterstanden).

Op elk van die punten is vooruitgang geboekt. Zo zijn dankzij de lobby van de Koepel Gepensioneerden en haar collega-organisaties afgelopen jaar de regels om pensioenen te kunnen verhogen versoepeld en die om pensioenen te moeten verlagen verzwaard. Als gevolg daarvan hebben miljoenen gepensioneerden voor het eerst in jaren hun pensioenen weer eens verhoogd zien worden (en zijn pensioenverlagingen achterwege gebleven). Daarnaast is voor het eerst in de geschiedenis in de wet een hoorrecht voor verenigingen van gepensioneerden bij pensioenfondsen opgenomen en is aangegeven dat indexatie-achterstanden worden betrokken bij de verdeling van het zogenaamde ‘invaren’ (net zoals andere aspecten overigens, waarbij het aan het pensioenfonds is tot een wat de wet noemt ‘evenwichtige belangenafweging’ te komen).

Toch is de Koepel Gepensioneerden niet tevreden over de wet zoals die gisteravond in stemming is gebracht. Een aantal zaken is tot op de dag van vandaag onduidelijk terwijl inmiddels breed zorgen leven over een vlekkeloze uitvoering van de wet. Zoals Koepel-voorzitter John Kerstens eerder liet optekenen: ’Partijen zijn erin geslaagd de meest ingewikkelde weg van A naar B te verzinnen. Dat is op zich een prestatie, maar niet per sé een waar mensen wat aan hebben.’ Daarnaast blijft de bij het pensioenakkoord gedane belofte van ‘beter zicht op een koopkrachtig pensioen’ nog in nevelen gehuld. Beweren sommige deskundigen (uit de pensioenwereld) dat de nieuwe Pensioenwet wat dat betreft echt een vooruitgang is, anderen (veelal van daarbuiten) twijfelen daar stevig aan of zijn ronduit negatief.

De Koepel Gepensioneerden heeft minister en Kamer(-s) daarom onlangs nog opgeroepen om het denken en verbeteren van de wet na het aannemen daarvan niet te laten stoppen. Bij de verdere invulling ervan dient de koopkracht van het pensioen toppriotiteit te zijn terwijl ook een stevige vinger aan de pols moet worden gehouden bij de uitvoering die nu in en rondom pensioenfondsen moet plaatsvinden. Wat dat laatste betreft, zal de Koepel Gepensioneerden in ieder geval ook zelf boven op alle ontwikkelingen blijven zitten. Dat kan ze als geen ander, want met haar lidverenigingenheeft zij bij zowat elk pensioenfonds ‘oren en ogen’.

Tenslotte: indien nodig, en kansrijk, zal de Koepel in voorkomende gevallen de weg naar de rechter niet schuwen.

138 views

Recent Posts

See All

Beïnvloeding met ons pensioengeld

We zijn langzamerhand wel wat gewend. Maar in onze stoutste dromen zouden wij niet hebben kunnen bedenken, dat dit ooit bij de Nederlandse pensioenfondsen zou kunnen plaatsvinden. Toch is het gebeurd.

De pech generatie

Beste leden, Naar aanleiding van de toezending van het artikel uit EW vroeg een lid terecht hoe het met de indexeringsachterstand bij ons pensioenfonds staat. Vanzelfsprekend stellen wij ons die vraag

Reden tot grote zorg

Vorig jaar is door het pensioenfonds de intentie uitgesproken om in te varen in het nieuwe pensioenstelsel. Tot op heden weten wij als deelnemers vrijwel niet wat er gaande is. De communicatie is zeer

Comments


bottom of page